Familierecht

notaris weggemans logo

inleiding

Wie in Nederland in het huwelijk treedt zonder vooraf huwelijksvoorwaarden te hebben gemaakt, huwt - thans nog - in algehele gemeenschap van goederen.

algehele gemeenschap van goederen

In algehele gemeenschap van goederen, dat wil zeggen dat alles wat de echtgenoten voor hun huwelijk bezaten en alles wat zij tijdens hun huwelijk verwerven in één "pot" terecht komt; een en ander wordt derhalve gemeenschappelijk eigendom, dit geldt zowel voor de bezittingen als voor de schulden.

In beginsel worden dus alle goederen die de echtgenoten hebben, gemeenschappelijk. Uitzondering bestaat alleen voor zgn. verknochte goederen [bijvoorbeeld kleding en lijfsieraden] alsmede voor goederen die verkregen zijn krachtens erfrecht of schenking waarbij erflater of schenker heeft bepaald dat die goederen te allen tijde privé zullen blijven, ook al huwt de begiftigde of erfgenaam in gemeenschap van goederen. Zo'n clausule heet een uitsluitingsclausule.

Het gevolg van het gemeenschappelijk worden van schulden is dat voor een schuld die is aangegaan door de ene echtgenoot, dat daarvan ook de andere echtgenoot nadeel ondervindt.

De schuldeiser van de ene echtgenoot kan zich dan verhalen op de gehele gemeenschap van goederen en dus óók op de bezittingen die de andere echtgenoot oorspronkelijk ten huwelijk aanbracht.

gevolgen bij het einde van de gemeenschap

Bij het eindigen van het huwelijk (door overlijden of echtscheiding of bij scheiding van tafel en bed) van in algehele gemeenschap van goederen gehuwden, wordt het totale vermogen van beide echtgenoten in twee gelijke delen verdeeld.

Iedere echtgenoot heeft immers recht op een helft, hetgeen dus inhoudt dat bij overlijden van de ene echtgenoot slechts zijn helft voor de erfgenamen beschikbaar is. De langstlevende had immers de andere helft al in eigendom.

voordelen van de gemeenschap van goederen

De gemeenschap van goederen heeft aantrekkelijke kanten.

Het systeem is simpel en vergt geen enkele administratie: alles is immers gemeenschappelijk.

Bijvoorbeeld: een van beiden heeft inkomen uit beroep of bedrijf, de ander heeft, meestal in verband met de verzorging van de kinderen, geen substantieel inkomen. Toch bouwen beide echtgenoten zó samen aan hun gemeenschappelijk vermogen. Immers, alles wat tijdens het huwelijk wordt verkregen is van beiden, ieder voor een gelijk deel.

nadelen van de gemeenschap van goederen

Er zijn echter ook bezwaren tegen aan te voeren, zoals de volgende:

  • Sel dat één van de echtgenoten tijdens het huwelijk een erfenis verkrijgt. Die erfenis valt dan in de gemeenschap, zodat ook de andere echtgenoot er eigenaar van wordt. Als nu later dat huwelijk door echtscheiding wordt ontbonden, zal de echtgenoot, die erfgenaam was, met lede ogen moeten toezien dat de ander er in feite met de helft van de erfenis vandoor gaat. Dit bezwaar geldt uiteraard niet wanneer verkregen wordt met een zogenaamde uitsluitingsclausule.
  • In geval van faillissement van één der echtgenoten zullen zijn schuldeisers zich verhalen op het totale vermogen van beide echtgenoten. De niet-failliete echtgenoot draait dus mede op voor de schulden van de failliet. Eén en ander betekent dat er doorgaans weinig of niets van het gemeenschappelijk vermogen overblijft.

huwelijksvoorwaarden

In verband met die bezwaren overwegen vele aanstaande echtgenoten om van de mogelijkheid gebruik te maken van het wettelijke systeem van de gemeenschap van goederen af te wijken en wel door het maken van huwelijksvoorwaarden.

uitsluiting elke gemeenschap van goederen

Het maken van huwelijksvoorwaarden kan op allerlei manieren gebeuren. In de praktijk kwam vroeger veel voor de vorm voor van algehele uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen. Dat is precies de tegenpool van het wettelijke systeem: niets is gemeenschappelijk behalve dat wat men gezamenlijk aankoopt. Dit geldt ook voor schulden. Schulden die door de ene echtgenoot zijn aangegaan zijn privé-schulden van die echtgenoot; de andere echtgenoot is daarvoor niet aansprakelijk.Ook wat ieder der echtgenoten voor het huwelijk bezat of wat hij/zij tijdens het huwelijk verwerft, is en blijft geheel privé-eigendom.

gescheiden vermogens

Er ontstaan dus twee vermogens, één van de ene echtgenoot hem en één van de andere echtgenoot. Dit betekent onder meer dat er bij een eventuele echtscheiding geen gemeenschap van goederen te verdelen valt (alleen gezamenlijk aangekochte goederen moeten worden verdeeld) en dat bij een eventueel faillissement de schuldeisers van de failliete echtgenoot het vermogen van de niet-failliete echtgenoot niet kunnen aantasten. Dat is vaak de reden waarom echtgenoten die ondernemersrisico lopen huwelijksvoorwaarden maken: als de ondernemer schulden heeft, is de andere echtgenoot daarvoor niet aansprakelijk.

nadeel

Een groot nadeel van deze vorm van huwelijksvoorwaarden is dat het vermogen, tijdens het huwelijk bijeengespaard, meestal eigendom is van de werkende echtgenoot. De ander is er dan financieel tijdens het huwelijk niet op vooruit gegaan, indien deze althans geen of weinig vermogen opbouwt tijdens het huwelijk. Dit uit zich natuurlijk vooral als het huwelijk door echtscheiding eindigt.

periodieke verrekening

Een variant op deze vorm die een oplossing biedt voor dit nadeel is de bepaling dat men tijdens het huwelijk het uit het inkomen gespaarde vermogen elk jaar samen bij helfte onder elkaar verdeelt.

Door deze bepaling blijft de niet werkende echtgenoot meedelen in de besparingen uit het inkomen en groeit dus financieel mee met de partner.

De afspraak om periodiek het overgespaarde inkomen te delen geeft slechts het gewenste resultaat, indien de verrekening ook daadwerkelijk plaatsvindt. Dat betekent dat de echtgenoten bereid moeten zijn om een boekhouding te voeren en om jaarlijks met elkaar aan tafel te gaan om te verrekenen.

vermogensverrekening

Omdat een periodieke verrekenbeding van overgespaard inkomen in de praktijk vaak niet goed wordt uitgevoerd, wordt in het algemeen een andere verrekenafspraak aanbevolen. Bijvoorbeeld een finaal verrekenbeding van vermogen. Zo'n beding houdt in dat men bij het einde van het huwelijk afrekent alsof men in gemeenschap van goederen gehuwd was. Sommige vermogensbestanddelen kunnen dan van de finale verrekening worden uitgezonderd, bijvoorbeeld erfenissen en schenkingen en/of vermogen dat één van de echtgenoten voor het huwelijk al had.

pensioenverrekening

In beginsel vindt er bij echtscheiding altijd verrekening plaats van de door de beide echtgenoten opgebouwde ouderdomspensioenen. Die verrekening is in de wet geformuleerd en houdt in dat na echtscheiding beide echtgenoten recht hebben op de helft van de door de man en vrouw (tijdens het huwelijk) opgebouwde ouderdomspensioenen (de zogenaamde wettelijke verevening); de andere echtgenoot krijgt een rechtstreekse aanspraak op de helft van het ouderdomspensioen van de een en andersom.

Die verevening staat los van de vraag of men huwelijksvoorwaarden heeft gemaakt of niet.

Wel kunnen echtgenoten bij huwelijksvoorwaarden overeenkomen dat wordt afgezien van de wettelijke pensioenverevening.

wanneer huwelijksvoorwaarden maken?

Huwelijksvoorwaarden moet men vóór de huwelijkssluiting maken, waartoe een notaris ingeschakeld moet worden. Na het sluiten van het huwelijk kan het ook, maar de kosten zijn dan meestal hoger. In dat geval moet de bestaande gemeenschap van goederen, die men wil opheffen, namelijk weer verdeeld worden.

Indien tijdens het huwelijk nog huwelijksvoorwaarden worden gemaakt, kan dat nooit een verandering van aansprakelijkheid tot gevolg hebben voor bestaande schuldeisers.

opheffen huwelijksvoorwaarden

Natuurlijk is het te allen tijde mogelijk de huwelijksvoorwaarden op te heffen en te wijzigen in het stelsel van de algehele gemeenschap van goederen. De te volgen weg is dan relatief eenvoudig.

Nieuwe wetgeving beperkte gemeenschap van goederen 2018

De voorgestelde wetgeving, welke (waarschijnlijk) op 1 januari 2018 zal ingaan, gaat alleen gelden voor nieuw te sluiten huwelijken. Indien u al bent gehuwd, verandert er dus niets.

Indien de aanstaande huwelijkspartners vooraf niets afspreken, zal (onder andere) het volgende gelden.

Al het vermogen en de schulden die de partners al hadden voor het sluiten van het huwelijk, blijft ook na het huwelijk privévermogen- of schuld. Alleen wat de echtgenoten verwerven tijdens huwelijk, zal behoren tot de huwelijksgemeenschap (beperkte gemeenschap van goederen). Wie toch in algehele gemeenschap van goederen wenst te trouwen, zal dit door de notaris moeten laten vastleggen. Alles wat door een schenking of erfenis is verkregen of zal worden verkregen, blijft of wordt automatisch privévermogen. Alleen wanneer bijvoorbeeld de erflater expliciet heeft bepaald dat het vermogen uit de erfenis de beide echtelieden zal toekomen, zal het gaan behoren tot de huwelijksgoederengemeenschap. Dat is dus precies omgekeerd van de huidige situatie. Voor ondernemers zal gelden dat de onderneming buiten de huwelijksgemeenschap valt. Aan de gemeenschap wordt een redelijke vergoeding toegekend voor de kennis, vaardigheden en arbeid die de echtgenoot/ondernemer heeft verricht voor de onderneming.

Voor- en nadelen

De bedoeling van het wetsvoorstel is de modernisering van het huwelijksvermogensrecht. Dat iedere echtgenoot zijn of haar privévermogen (of schuld) behoudt, past beter in onze huidige samenleving waarin financiële onafhankelijkheid steeds belangrijker wordt. Tegen de nieuwe wet wordt wel aangevoerd dat de beperkte gemeenschap van goederen veel administratieve rompslomp met zich zal brengen. De schulden en de vermogens zullen dus goed gedocumenteerd moeten worden, om later ruzie daarover te voorkomen. Ook nu wordt door vrijwel niemand een in de huwelijksvoorwaarden opgenomen periodiek verrekenbeding uitgevoerd. Tegenstanders verwachten dan ook dat de nieuwe wet in de praktijk alleen maar tot meer discussies zal leiden bij de verdeling, aangezien weinig mensen hun administratie goed op orde (zullen) hebben.

Met de nieuwe huwelijksregels hoeven erfenissen en schenkingen bij een scheiding dus niet meer gedeeld te worden. Het maakt daarbij niet uit of de erfenis of schenking voorafgaand of tijdens het huwelijk is gekregen.

Voor veel ondernemers en hun partners is het ook met de nieuwe huwelijksregels nodig dat zij huwelijkse voorwaarden maken. Een schuldeiser van het bedrijf kan zich namelijk uiteindelijk op de gezamenlijke bezittingen verhalen. Een bedrijf dat tijdens het huwelijk wordt gestart, valt volgens de nieuwe huwelijksregels in de gemeenschap van goederen en moet bij scheiding worden gedeeld.

De nieuwe huwelijksregels hebben geen gevolgen voor pensioenen. De wet gaat ervanuit dat u het ouderdomspensioen dat u tijdens het huwelijk opbouwt, bij scheiding fifty-fifty deelt. Als u dat niet wilt, kunt u dat regelen in huwelijkse voorwaarden (voor of tijdens uw huwelijk) of in een echtscheidingsconvenant (bij de scheiding).

notaris weggemans huwelijk